Aanbevelingen Adviescollege Remkes voor stikstofproblematiek op korte termijn: “Niet alles kan” of “Er kan nog niks”?

Niet alles kan”. Zo luidt de titel van het in de namiddag gepresenteerde advies van het Adviescollege Stikstofproblematiek met aanbevelingen voor de korte termijn. Vanuit de wens om op korte termijn de Wnb-toestemmingsverlening te kunnen hervatten, had de titel ook kunnen zijn “Er kan nog niks”. Ook voor de korte termijn zullen er volgens het Adviescollege immers eerst bronmaatregelen moeten worden uitgevoerd, die de stikstofdepositie op de overbelaste Natura 2000-gebieden moet verminderen. Pas als dat gaande is, kan de Wnb-toestemmingsverlening voor projecten weer op gang komen. Dat laatste mag sowieso pas plaatsvinden, nadat er voor de inzet van het benodigde instrumentarium (intern en extern salderen, ADC-toets) beleid en handreikingen zijn verschenen. Er moet worden voorzien in onder meer afroming. Die afroming is noodzakelijk om de kwaliteit van Natura 2000-gebieden te kunnen verbeteren. Het zal voor de bevoegde gezagen een zware dobber zijn om te onderbouwen hoeveel afroming nodig is voor de herstel- en verbeteringsopgaven voor de Natura 2000-gebiede en in het verlengde daarvan welk deel vervolgens resteert voor Wnb-toestemmingverlening voor nieuwe stikstofdeposerende projecten.

Voor iedereen die in de dagelijkse praktijk te maken heeft met de stikstofdepositieproblematiek, is het advies verplichte kost. In veel opzichten is het advies niet verrassend, maar daarmee is het niet minder van belang. Het is nuttig om alle relevante issues systematisch en in onderlinge samenhang gepresenteerd te zien worden. Ook bevat het advies een aantal opzienbarende uitspraken. Zoals zovelen, verbaast ook het Adviescollege zich erover dat de overheid na “de waarschuwing, die uitging van de inhoud van het arrest” van het Europese Hof van Justitie, niet tot actie is overgegaan. Na de PAS-uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak eind mei 2019 was er een urgent en groot maatschappelijk probleem. Toen pas bleek, dat er in het geheel niet was nagedacht over alternatieven voor het PAS.

Het Adviescollege gaat ook in op de status van bestaande Wnb-vergunningen. Dat zal ongetwijfeld (mede) zijn ingegeven door de veel besproken uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant van 19 augustus 2019, ECLI:NL:RBOBR:2019:4830. Het Adviescollege wijst erop, dat de intrekking van een bestaande Wnb-vergunning een verstrekkende maatregel is. Volgens haar kan die maatregel alleen worden getroffen, indien intrekking of wijziging van die vergunning  de enige passende maatregel is om verslechtering of significante verstoringen te voorkomen, oftewel indien zo’n maatregel onderdeel uitmaakt van generiek beleid voor een gebied of een sector. Ik leid daaruit af, dat wanneer dat generiek beleid er nog niet is, ook niet tot intrekking van een vergunning mag worden ingegaan. Dat lijkt een zwaardere maatstaf dan die door de rechtbank Oost-Brabant is gehanteerd.

Ik sluit af met het benoemen van de aanbeveling om de gedoogstatus voor het beweiden en bemesten voorlopig te handhaven. Het Adviescollege wenst nader onderzoek te doen naar de mogelijkheden om de Wnb-vergunningplicht hiervoor te voorkomen of te verhelderen. Daarover zal zij eind 2019 een tussentijds advies uitbrengen.

Het rapport "Niet alles kan" is hier te downloaden.